Tagarchief: lezer

Schrijf geen poep! – open brief van Jouw Lezer

‘Ja, dat is lekker makkelijk’, krijgen we vaak te horen, ‘lekker schelden op het taalgebruik van anderen en niet zeggen hoe het dan wél moet.’

Dat gaat nu veranderen. We hebben een heel irritant wezen bereid gevonden om jou, schrijver, te vertellen hoe het moet: Jouw Lezer. En we beginnen meteen met deze open brief:

____________

Beste schrijver,

Mag ik mij even voorstellen: ik ben Jouw Lezer!

Ik – Jouw Lezer – ben dom, onwetend en naïef. Althans, dommer, onwetender en naïever dan je denkt. Jij overschat mij schromelijk, altijd. Jij denkt dat ik aan een half woord genoeg heb. Jij denkt dat ik begrijp waar je het over hebt. Jij denkt dat ik uit jouw woordenbrij precies die informatie haal die ik nodig heb. Niet dus!

Ik – Jouw Lezer – heb vele gezichten. Schrijf jij een nieuwsbrief voor een groep collega’s? Dan ben ik dat jonge broekie waar het uitzendbureau gisteren mee aan kwam zetten. Schrijf jij een e-mail aan je familie over je vakantie? Dan ben ik die wereldvreemde tante die alles altijd nét verkeerd begrijpt. Schrijf jij een brief aan een groep vakgenoten? Dan ben ik die zij-instromer die het huidige jargon nog niet beheerst.

Ik – Jouw Lezer – heb het druk. Dagelijks word ik overspoeld door tientallen brieven, e-mails, mededelingen, kranten, tijdschriften en boeken. Da’s lastig kiezen! Je begrijpt dat jouw tekst al snel onderop de stapel verdwijnt. Tenzij je me weet te boeien, maar dan moet je wel heel wat beter je best doen.

Laten we een afspraak maken: ik schenk jou mijn kostbare leestijd, en jij schenkt mij een tekst die precies voldoet aan mijn behoeften. Niets meer en niets minder. Dat is toch niet te veel gevraagd?

nieuwsgeneuzel

Schrijf geen poep
Steeds als ik jouw vlug opgestelde krabbeltjes onder ogen krijg, voel ik mij vies. Alsof jij een brij van woorden over mij heen giet met de opdracht ‘zoek het lekker zelf uit, haal er maar uit wat je nodig hebt’. Zulke vunzigheid gun ik mijn ergste vijand niet.

Wat zou jij doen als je in een restaurant een bord dampende uitwerpselen voorgeschoteld krijgt? Dan zou je toch ook woedend zijn? Toch stapel je mij keer op keer op met halfverteerde teksten waar ik zelf met veel moeite de bruikbare delen uit moet pulken. Vroeg of laat geef ik het op – meestal vroeg.

Chique woorden, aardige weetjes, imposante illustraties… Allemaal leuk en aardig, maar dragen ze écht bij aan wat je mij wilt zeggen? Nee? Weg ermee. Wat overblijft is een duidelijke, krachtige tekst die ik zo begrijp. Zonder stankoverlast. Zonder poep.

Voortaan kijk ik steeds over je schouder mee als je schrijft. Ik vraag, zeur en lever commentaar. Je mag mij uitschelden voor irritant, dom en bemoeizuchtig. Prima. Ga je gang want je kunt toch niet om mij heen. Immers, wie schrijft, wil gelezen worden. En ik ben en blijf je lezer.

Succes met schrijven,

Jouw Lezer