Fictionele droom

Lezen zonder leeshordes

Het is de eerste mooie zomerdag van het jaar. Je gaat een dagje naar zee. Lekker lezen op het strand met een spannend boek van Guus Kuijer. Je spreidt je badhanddoek uit en gaat zitten. Even wiebelen zodat je billen perfect in het zand passen…

Toen Mark wakker werd, was het wonderlijk stil in huis. Alleen zijn horloge lag luid te tikken op het tafeltje naast zijn bed. Verder geen geluid. Ook buiten geen geronk van auto’s, geen kinderstemmen, niets dan fluitende vogels en blaffende honden. Toch was het al licht. Dat kon je zien, dwars door de gordijnen heen. Mark keek op zijn horloge. Het was halfacht, een mooie tijd om op te staan.
(uit “Pappa is een hond” van Guus Kuijer)

Opeens is het boek uit. Je armen en benen doen pijn, je gezicht is roodverbrand door de felle zon. Al die tijd was je zo geconcentreerd dat je vergat dat je aan het lezen was. Al die tijd was je in trance. Je leefde in het verhaal. Je was één met het verhaal. Je hebt een ‘fictionele droom’ gehad.

Beleef de fictionele droom!

Stel je nu eens de omgekeerde situatie voor. Stel dat Guus Kuijer zijn boek zo was begonnen:

D.d. 12 mei 1976 ontwaakte Mark van den Berg om halfacht ’s ochtends. Naar verluidt was het zodanig stil dat Mark van den Berg alleen zijn horloge (een ouderwets kinderhorloge dat tweemaal daags dient te worden opgewonden opdat het enigszins de correcte tijd weergeeft) hoorde tikken. Verder waren er op de wijzerplaat van het horloge diverse figuren afgebeeld, maar daar dat voor dit verhaal niet relevant is, gaat de auteur van dit boek daar verder niet op in. Buiten hoorde Mark van den Berg geen geluiden anders dan voortgebracht door dierlijke wezens. Zo hoorde hij expliciet niet het motorgeluid van auto’s, noch het stemgeluid van kinderen.

Dan had je zeker geen fictionele droom, maar was je voortdurend over leeshordes gestruikeld: te lange zinnen, formele formuleringen, irrelevante informatie en irritante onderonsjes met de schrijver.

Wat zou het mooi zijn als iedere tekst je meesleurt in een fictionele droom. Nooit meer worstelen door een onbegrijpelijk jaarverslag. Nooit meer zuchten en steunen achter een vuistdik rapport. Je zou je ’s ochtends bij het ontbijt al handenwrijvend verheugen op die leuke projectrapportage. Of wat te denken van die spannend geschreven financiële bijsluiter?

Overdreven? Nee! Lezers willen een soepele tekst, of dat nu een spannende roman of een zakelijk document is. Hoe bereik je dat? Door zó te schrijven dat niets de lezer uit zijn fictionele droom haalt, door alle leeshorden op te ruimen. Hou bij het schrijven steeds het beeld van de fictionele droom en de leeshordes voor ogen. Je lezer zal je dankbaar zijn.

Ruim al die leeshordes op

Beter schrijven? Verdeel en heers, ga schrijven in vijf stappen en houd je aan de 25 elementaire schrijfregels.

(Foto’s via Flickr.com, respectievelijk van randysonofrobert en tracy_olson)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>