14 | Afwisselend, maar wel consequent

Regel 14 Afwisselend, maar wel consequent | over slaapverwekkende herhaling en gevaarlijke veranderingen

Afwisseling maakt de lezer blij. Je lezer sukkelt in slaap als je voortdurend dezelfde woorden herhaalt in monotone zinnen die precies even lang zijn. Schud je lezer wakker met een gevarieerd vocabulaire en zinnen met een spannend ritme. Pas echter wel op dat je niet doorslaat en krampachtig aan het afwisselen slaat. Je moet consequent blijven.

25 Elementaire schrijfregels | Schrijven in vijf stappen

Het aantal moslims in Nederland groeit gestaag. In tien jaar tijd is het aantal aanhangers van de islam bijna verdubbeld naar een kleine miljoen. Daarmee is deze levensbeschouwelijke beweging de vierde geloofsgroep in Nederland (…) Van de niet-westerse islamieten behoort 38 procent tot de tweede generatie. Meer dan 95 procent van de islam-aanhangers heeft een niet-westerse herkomst.

‘Juist,’ moet de schrijver van dit krantenbericht gedacht hebben na zijn schrijfcursus, ‘afwisselen, daar gaat het om.’ Een moslim, dat is niet alleen een aanhanger van de islam, maar ook een aanhanger van een levensbeschouwelijke beweging, en dat is toch hetzelfde als een aanhanger van een geloofsgroep, een islamiet en een islam-aanhanger. Als lezer raak je het spoor hier natuurlijk volledig bijster: gaat het hier om zes verschillende groepen?

Afwisselende woorden
Het voortdurend anders noemen van hetzelfde maakt van je tekst een ware puzzeltocht, en dat komt echt niet alleen in de krant voor. Zo stonden er in een tekst van een gemeentelijke sociale dienst de volgende woorden: betrokkene, klant, cliënt, belanghebbende, uitkeringsgerechtigde en aanvrager. Om nog meer afwisseling te krijgen, werden die termen vaak afgekort tot: betr, belh, uitkerger en aanvr. Een hoop creativiteit om slechts één persoon te benoemen, namelijk diegene die van de sociale dienst een uitkering krijgt. Wees duidelijk en consequent – en niet afwisselend. Gebruik één woord voor deze persoon, bijvoorbeeld ‘aanvrager’.

Besteed extra aandacht aan namen. Een klant houdt er niet van als zijn naam of de naam van zijn bedrijf op allerlei creatieve manieren wordt gespeld. Het volgende creatieve lijstje komt uit één adviesrapport. Zoveel pogingen en de juiste spelling – L‘Oréal – zit er niet eens bij:

  • ‘L Oreal
  • L’oreal
  • Loreal
  • L Oréal
  • LOreaal

Dat is niet handig. Ben je niet zeker van de juiste spelling, kijk dan op het briefpapier of vraag het. Voeg de correct gespelde naam toe aan de woordenlijst van je tekstverwerker en je voorkomt een hoop scheve gezichten.

Tip – consequent spellen
Wees consequent in spelling en formulering. Een tekst zonder afwisseling is saai, een tekst met inconsequent taalgebruik is fout. Schrijf niet in de ene zin locatie en in de andere zin lokatie Houd in principe de officiële spelling aan, tenzij je bedrijf een afwijkende huisstijl heeft. In ieder geval: kies een bepaalde spelling en blijf die trouw.

Afwisselende zinnen
Bijna ieder lesboek over schrijfstijl bevat de schrijfeenvoudigregel: schrijf korte zinnen, gebruik eenvoudige woorden, schrijf in de actieve vorm, vermijd bijzinnen…

Dit zijn zeker nuttige regels, maar overdrijf het niet. Een eenvoudig geformuleerde tekst kan namelijk ook heel onduidelijk zijn. Kijk maar eens naar het volgende citaat. Het houdt zich keurig aan de schrijfeenvoudigregel, maar het is zeker geen genot om te lezen:

De Tweede Wereldoorlog
In 1940 begon de Tweede Wereldoorlog.
De Duitsers vielen ons land binnen.
Nederland vocht terug.
De Duitsers gooiden bommen op Rotterdam.
Nederland moest zich overgeven.
Het was verschrikkelijk.
Heel veel mensen stierven.
De joden werden vervolgd.
De joden moesten een gele ster dragen.
In 1945 werd Nederland bevrijd.
Nederland viert Bevrijdingsdag op 5 mei.

Kijk je niet op van dit soort eenvoudige taal? Dan zit je vermoedelijk op het vmbo, want daar is vrijwel al het lesmateriaal in dit soort Jip-en-Janneketaal geschreven. Waarom? Omdat onderwijsdeskundigen denken dat vmbo-leerlingen teksten van een hoger niveau niet aankunnen. In hun drang naar eenvoud schrappen ze daarom iedere vorm van houvast: bijzinnen en moeilijke woorden, maar ook verwijs- en verbindingswoorden, zoals ‘daarom’, ‘hierdoor’ of ‘want’.

Jammer, want uit onderzoek blijkt dat teksten die dit houvast wel geven veel beter begrepen worden. Oók door vmbo-leerlingen. Schrijf daarom duidelijk, maar niet te eenvoudig. Jip-en-Janneketaal geeft de lezer geen enkele vorm van houvast en vormt daarom een leeshorde.

Schrijven is ritme
Zorg voor afwisseling in de zinslengte en zinsbouw. Voorkom de monotonie, het staccato van het vmbo-voorbeeld hierboven. Begin eens met een korte mededeling. Voeg in een volgende zin wat details toe, waarbij je best een bijzin mag gebruiken. Geef vooral verbanden aan. Maak van je tekst één geheel en produceer geen losse flodders waarbij de lezer zelf maar moet bedenken hoe de vork in de steel zit.

De Tweede Wereldoorlog
In 1940 begon voor ons de Tweede Wereldoorlog met de onverwachtse inval van de Duitsers. We vochten terug, maar Duitsland gooide zo veel bommen op Rotterdam dat Nederland zich moest overgeven. De oorlog was verschrikkelijk en er stierven heel veel mensen. Zo moesten Joden een gele ster dragen en werden ze naar kampen gebracht waar ze bijna allemaal vermoord werden.

Tip – lees je tekst hardop
Het klinkt misschien wat kinderachtig, maar lees je tekst eens hardop als je denkt dat je ongeveer klaar bent met schrijven. Als jij tijdens het lezen in slaap valt, dan blijft je lezer ook niet wakker. Als jij struikelt over je eigen woorden, dat staan er voor de lezer zeker onoverwinbare leeshordes in de tekst. Luister naar je eigen tekst en pas die aan, net zolang tot je vlot en natuurlijk kunt voorlezen.

Grammaticaal inconsequent
Met spelling en grammatica moet je niet al te creatief omgaan. Veel mensen ergeren zich groen en geel aan spelfouten en grammaticale fouten vormen een leeshorde omdat het lezen stokt: ‘Huh, hier klopt iets niet?’ Waar gaat het mis in de drie zinnen hieronder:

  • De Spanjaarden eten veel later dan de Nederlander.
  • Men zegt wel eens dat na regen zonneschijn komt, maar ze vergeten dat het daarna weer gaat regenen.
  • Hij droeg een designkoffertje met een cijferslot en een zijden stropdas.

In de eerste zin zijn er meerdere Spanjaarden en maar één Nederlander. In de tweede zin verandert het onderwerp: eerst is het ‘men’ en later ‘ze’. In de derde zin zit de stropdas om het koffertje en niet om de nek van de kofferdrager.

Met een kleine ingreep maak je de zinnen in orde:

  • De Spanjaard eet veel later dan de Nederlander.
  • Men zegt wel eens dat na regen zonneschijn komt, maar men vergeet dat het daarna weer gaat regenen.
  • Hij droeg een zijden stropdas en had een mooi koffertje met een cijferslot.

Varieer de woordvolgorde voor extra resultaat
Het Nederlands geeft je alle ruimte om een zin in te delen. Met precies dezelfde woorden kun je naar hartenlust combineren. Maar pas op, de woorden zijn misschien wel hetzelfde, de betekenis verandert wel. Neem:

  • De GGD is vorig jaar begonnen met het geven van voorlichting aan jongeren over SOA’s.

Wat vooraan staat, krijgt de meeste nadruk als je de zin leest. In de zin hierboven is het dus de GGD die de voorlichting geeft, en niet een andere organisatie (wie geeft de voorlichting? De GGD is vorig jaar…).
Verander de volgorde en de nadruk verandert, en daarmee de betekenis. De juiste volgorde hangt dus af van wat je wilt zeggen. Goed gebruik van volgorde versterkt op een heel natuurlijke wijze je boodschap. Een niet-passende boodschap roept eerder vragen op en vormt dus een leeshorde.

  • Vorig jaar is de GGD begonnen met het geven van voorlichting aan jongeren over SOA’s (niet vijf jaar geleden, maar vorig jaar)
  • Met het geven van voorlichting aan jongeren over SOA’s is de GGD vorig jaar begonnen (niet met het uitdelen van condooms, maar het geven van voorlichting)
  • Aan jongeren is de GGD vorig jaar begonnen met het geven van voorlichting over SOA’s (niet aan senioren, maar aan jongeren)
  • Over SOA’s is de GGD vorig jaar begonnen met het geven van voorlichting aan jongeren (niet over ongewenste zwangerschappen, maar SOA’s)

25 Elementaire schrijfregels | Schrijven in vijf stappen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>